11-01-2010
‘Bijna 5 miljoen Irakezen zijn nog steeds van huis en haard verdreven. Hun situatie wordt, bijna zeven jaar na de oorlog, met de dag wanhopiger. Door het huidige geweld kunnen ze niet terug naar hun oorspronkelijke woonplaats.’ Dat zegt Tineke Ceelen, directeur van Stichting Vluchteling die de afgelopen dagen de situatie van de ontheemden onderzocht. Veel Irakezen sloegen op de vlucht voor het sektarische geweld dat uitbrak nadat westerse troepen in 2003 het land binnenvielen om dictator Saddam Hoessein te verdrijven.
Tineke Ceelen: “Alle ogen zijn bij de presentatie van de commissie Davids gericht op de Nederlandse politieke steun voor de inval in Irak. En dat is ook belangrijk. Dat die inval heeft geleid tot een van de grootste vluchtelingencrises ter wereld, wordt voor het gemak maar snel vergeten. Wat ik de afgelopen dagen in Irak heb gezien is beschamend. Wij hebben in het westen volkomen onvoldoende oog voor de omvang en de ernst van dit vluchtelingenprobleem.”
“De westerse mogendheden hebben miljarden gepompt in de oorlogsvoering in Irak. Voor de hulp aan de slachtoffers van het geweld is maar een fractie van dat bedrag beschikbaar gekomen. Sinds de inval in 2003 is de situatie van de miljoenen vluchtelingen en ontheemden (vluchtelingen in eigen land) dan ook alleen maar uitzichtlozer geworden”, aldus Ceelen.